Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Omhoog

Hoe kunnen wij u helpen?

BEHANDELING

A - Z AZ lijst gebruiken om een pagina te vinden
Home > Behandelingen > Pijnbestrijding bij kinderen

Pijnbestrijding bij kinderen

Als uw kind geopereerd is bestaat de kans, dat het pijn heeft van de operatie. De ernst van de pijn is afhankelijk van het soort operatie, dat uw kind heeft ondergaan en welk gevoel het daarbij heeft. Voor een spoedig herstel is het noodzakelijk, dat de pijnklachten van uw kind goed worden behandeld. In deze folder leest u meer over pijnbestrijding na een operatie bij een kind.
 
Pijnbestrijding na een operatie in dagbehandeling
De meeste kinderen worden in dagbehandeling geopereerd. Zij mogen dezelfde dag weer naar huis. Als de operatie lang heeft geduurd en/of laat op de dag heeft plaatsgevonden, wordt uw kind na 15.30 uur van de Dagbehandeling overgeplaatst naar de Kinder- en jeugdafdeling (KJA) en mag uw kind later op de dag of de volgende ochtend naar huis. Bij een opname in dagbehandeling krijgt uw kind bij vrijwel alle operaties standaard paracetamol voorgeschreven. Op de afdeling krijgt uw kind een zetpil paracetamol. Na de operatie krijgt uw kind voor 2 dagen paracetamol mee naar huis. Indien tevens andere medicatie tegen de pijn is afgesproken, krijgt u een recept mee.

Pijnbestrijding na een grote of spoedoperatie
Kinderen kunnen na een grote operatie en/of na een spoedoperatie in het ziekenhuis worden opgenomen. Dit gebeurt op de KJA. Indien dit bij uw kind het geval is, krijgt uw kind standaard na de operatie paracetamol, eventueel gecombineerd met diclofenac. Dit kan als tablet of als zetpil gegeven worden.
 
Morfine
Bij grotere operaties kunnen paracetamol en diclofenac gecombineerd worden met morfine. Morfine is een sterk werkende pijnstiller, die op verschillende manieren kan worden toegediend. Bijvoorbeeld als tablet, zetpil, drankje of continu via het infuus. Belangrijke bijwerkingen van morfine zijn misselijkheid of jeuk. Tegen deze bijwerkingen kunnen medicijnen gegeven worden. Indien morfine continu via het infuus gegeven wordt, wordt de ademhaling en de bloedsomloop van uw kind met een monitor gecontroleerd.
 
Pijnstilling via een epidurale of caudale katheter
Eventueel kan bij grotere operaties de pijnstilling geregeld worden via een epidurale of een caudale katheter. De epidurale of caudale katheter is een slangetje, dat door de anesthesioloog in de rug, respectievelijk ter hoogte van het stuitje, ingebracht wordt tijdens de algehele anesthesie. Uw kind voelt hier niets van. Bij een epidurale of caudale katheter krijgt uw kind ook een blaaskatheter, omdat uw kind door de pijnstilling minder goed kan plassen. Dit geldt niet voor kinderen, die nog niet zindelijk zijn. Na de operatie wordt via de katheter pijnstilling toegediend. Bij deze pijnstilling kan misselijkheid, jeuk of een doof gevoel met zwakte in de benen optreden. Deze bijwerkingen worden minder, als de dosering verlaagd wordt en verdwijnen na het stoppen van de toediening van medicijnen. Er zijn medicijnen tegen misselijkheid en jeuk. Ook bij epidurale pijnstilling wordt continu de ademhaling en de bloedsomloop van uw kind met een monitor gecontroleerd. Bij epidurale pijnstilling en bij continue toediening van morfine via het infuus wordt de pijnbestrijding dagelijks door een medewerker van de afdeling Anesthesiologie gecontroleerd.
 
Pijnmeting
De pijnstilling van uw kind wordt na de operatie op de KJA door de verpleegkundigen gecontroleerd en geregeld. Hierbij kan de verpleegkundige gebruik maken van een meetmethode met een speciaal liniaaltje. Hierop kan uw kind de mate van pijn aangeven tussen geen pijn (score 0) of de ergst denkbare pijn (score 10). Indien uw kind niet met een getal de mate van pijn kan aangeven, kan de mate van pijn vastgesteld worden met een liniaaltje met gezichtjes, die een bepaalde mate van pijn uitdrukken. Afhankelijk van de pijnscore krijgt uw kind extra pijnstilling. Indien nodig kan de verpleegkundige overleggen met een medewerker van de afdeling Anesthesiologie.
 
Vragen?
Hebt u na het lezen nog vragen? Stel deze dan gerust aan een anesthesioloog of medewerker van de afdeling Anesthesiologie of bel naar tel.: (0570) 53 56 41.

Context menu