Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Omhoog

Hoe kunnen wij u helpen?

BEHANDELING

A - Z AZ lijst gebruiken om een pagina te vinden
Home > Behandelingen > Nefrostomiewissel

Nefrostomiewissel

Wat is een nefrostomiewissel?
Een nefrostomie is het slangetje dat van buitenaf in uw nier is aangebracht. Het slangetje zorgt ervoor dat de urine uit de nier naar buiten kan. Er zijn verschillende redenen om een nefrostomiewissel uit te voeren:
  • De nefrostomie katheter loopt niet.
  • Indien de nefrostomie katheter langere tijd in uw lichaam moet blijven wordt de nefrostomie katheter doorgaans 6 weken na het plaatsen vervangen door een ballonkatheter.
Voorbereiding thuis
  • 2 uur voor het onderzoek mag u niets meer eten, drinken of roken.
  • Het is aan te raden een pyjamajas of T-shirt mee te nemen om aan te doen tijdens de behandeling.
Medicijngebruik
Gebruikt u bloedverdunnende medicijnen, dan vertelt uw behandelend arts u of en wanneer u met deze medicijnen moet stoppen en wanneer u het gebruik weer kunt hervatten. Voor de behandeling wordt dan bloed afgenomen om de stolling te controleren. Alle overige medicijnen mogen volgens schema ingenomen worden met een beetje water.

Opname
Voor de nefrostomiewissel wordt u opgenomen op een verpleegafdeling of u bent al opgenomen. Wordt u opgenomen dan komt u op de afgesproken dag en tijd naar de verpleegafdeling die u hebt doorgekregen.

Voorbereiding behandeling
Zo nodig krijgt u op de afdeling Radiologie voorafgaand aan de behandeling medicatie via een prikje in uw bovenbeen om wat rustiger te worden.

De behandeling
U komt in een bed naar de afdeling Radiologie. De laborant geeft u uitleg over het verloop van de behandeling. De behandeling wordt uitgevoerd met behulp van röntgenstraling. In de röntgenkamer gaat u op uw buik op de onderzoekstafel liggen. U krijgt van ons een kussen onder de buik zodat u half schuin komt te liggen. Er wordt eerst contrastvloeistof door het slangetje gespoten om te kijken naar de ligging. Is de ligging van het slangetje niet goed, dan wordt de nier opnieuw aangeprikt. Dit is soms mogelijk via de huidige aangeprikte plaats of er wordt een nieuwe prikplaats gezocht met behulp van echografie. De procedure is hetzelfde als bij het plaatsen van uw huidige nefrostomiekatheter. Is de ligging van het slangetje wel goed dan zal het slangetje op onderstaande wijze gewisseld worden voor een ballonkatheter. De nefrostomiekatheter en de aanprikplaats worden gedesinfecteerd (meestal met jodium). Er komt een steriele doek over het gebied. De radioloog verdooft de huid ter plaatse van de aangeprikte plaats van de nefrostomiekatheter. Er wordt door de katheter een flexibel draadje ingebracht. Vervolgens wordt het insteekkanaal opgerekt met behulp van dit draadje en flexibele buisjes, totdat het definitieve slangetje ( =ballonkatheter) erdoor past. Het opschuiven van de ballonkatheter door het nierkapsel kan gevoelig zijn. Het ballonnetje wordt opgeblazen met een speciale vloeistof. Door het opgeblazen ballonnetje blijft de katheter op zijn plaats in de nier. Er wordt contrastvloeistof gespoten om de ligging te controleren. De katheter wordt met pleisters goed aan de huid vastgeplakt. Aan het slangetje wordt een opvangzak vastgemaakt. In deze zak verzamelt zich de urine. De urine kan er roodgekleurd uit zien.

Duur
De behandeling duurt 30 tot 45 minuten.

Metformine/glucofage gebruik
Als u metformine/glucofage gebruikt (medicijn voor suiker-/ diabetespatiënten) dan mag u deze de eerste 48 uur na het onderzoek niet innemen. Dit in verband met een mogelijke reactie op het ingespoten contrastvloeistof.

Na de behandeling
Na afloop van de behandeling gaat u terug naar de afdeling waar u bent opgenomen. Hoewel het slangetje goed is bevestigd dient u er toch voorzichtig mee om te gaan. Normale bewegingen, lopen en douchen zijn goed mogelijk.

Complicaties
De risico’s van de behandeling zijn gering. Het is mogelijk dat er tijdens de ingreep een bloeding ontstaat of urine op een verkeerde wijze weglekt.
Als u weer thuis bent en de dagen na de behandeling een van onderstaande klachten heeft verzoeken wij u contact op te nemen met het ziekenhuis:
  • Hevige pijn of koorts.
  • Er geen urine komt uit de ballonkatheter.
  • Er pus komt uit de insteekopening.
U kunt op werkdagen bellen met de polikliniek Urologie, tel.:(0570) 53 51 50 en in het weekend of buiten kantooruren met de Spoed Eisende Hulp, tel.:(0570) 53 53 00.

Vragen?
Bel onze afdeling Radiologie, telefoon: (0570) 535 135 of informeer bij de verpleegkundige of uw behandelend arts.

Context menu