Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Omhoog

Hoe kunnen wij u helpen?

BEHANDELING

A - Z AZ lijst gebruiken om een pagina te vinden
Home > Behandelingen > Buikwandbreuk - operatie

Buikwandbreuk - operatie

Binnenkort komt u naar het Deventer Ziekenhuis voor een operatie van een breuk in uw buikwand. In deze folder leest u meer over de gang van zaken rond deze operatie.

Wat is een buikwandbreuk?
Een buikwandbreuk is een uitstulping van het buikvlies door een zwakke plek of een opening in uw buikwand. De zwakke plek is aangeboren of ontstaat als uw buik erg uitrekt (bijvoorbeeld als u veel in gewicht aankomt, als u vaak hoest, vaak zware spullen tilt of bij het persen tijdens de bevalling). Een buikwandbreuk ziet eruit als een bult. In de uitstulping kan een deel van uw buikinhoud terechtkomen (een stukje darm of wat vet). Komt er druk op uw buik, bijvoorbeeld als u hoest, dan komt er meer buikinhoud in de uitstulping. De breuk wordt dan groter. Als de buikinhoud bij de opening van de uitstulping klem komt te zitten, kunt u last krijgen van heftige pijn. Een operatie is dan nodig. Er zijn verschillende soorten buikwandbreuken.

Aangeboren navelbreuk
Een aangeboren breuk rond de navel is niet ernstig. Klemzittende buikinhoud komt bij deze breuk bijna nooit voor. Meestal herstelt de breuk zich vanzelf voordat een kind 3 jaar is. Gebeurt dat niet, dan kan de specialist een operatie overwegen. Vooral meisjes kunnen later, als ze zwanger zijn, last krijgen van de breuk.

Navelbreuk op latere leeftijd
De navel is het dunste deel van de buikwand. Er kan een breuk ontstaan als er druk op de buikwand komt, bijvoorbeeld door een zwangerschap, toename van gewicht of zwaar lichamelijk werk. Soms was er al een zwakke plek in de buikwand. In de uitstulping van de navelbreuk zit meestal vet. Bij grotere breuken kan er ook een stukje darm in terechtkomen. Een navelbreuk hoeft geen klachten te geven. Als de buikinhoud klem komt te zitten, krijgt u heftige pijn.

Bovenbuikbreuk (hernia epigastrica)
En breuk boven de navel komt door een zwakke plek in de buikwand. Er puilt meestal alleen vet naar buiten, geen andere buikinhoud. Het komt vaak voor dat er meerdere bovenbuikbreuken zijn. Een bovenbuikbreuk geeft meestal geen klachten. Heel soms doet de breuk pijn. Mocht de inhoud van de uitstulping klem komen te zitten, dan heeft dat meestal geen ernstige gevolgen.

Voorgestelde behandeling
Uw specialist heeft voorgesteld uw buikwandbreuk te opereren. Hij maakt de breuk dicht en verstevigt de buikwand eventueel met een stukje kunststof. De operatie gebeurt via een snee in uw buik (open methode) of een kijkoperatie (laparoscopisch/endoscopisch). De specialist brengt dan via een paar kleine sneetjes buisjes in. Op een van de buisjes is een camera aangesloten, zodat hij via een beeldscherm kan zien wat hij doet. De andere buisjes worden gebruikt voor zijn werkinstrumenten. Een kijkoperatie is niet altijd mogelijk. Bijvoorbeeld omdat u al eerder een buikoperatie heeft gehad of de uitstulping te groot is. Uw specialist beslist over de manier van opereren. U kunt uw eigen voorkeur aangeven. Krijgt u een kijkoperatie, dan is er altijd het risico dat de specialist tijdens de operatie alsnog besluit over te gaan op de open methode.
Heeft u meerdere buikwandbreuken, dan opereert de specialist die tegelijkertijd. Meestal is een buikwandbreuk na de operatie voorgoed verdwenen. Er is een kleine kans dat de breuk terugkomt.

Risico’s
Zoals bij elke operatie is er een kans op complicaties, zoals nabloeding, wondinfectie, trombose en longontsteking.

Hoe kunt u zich voorbereiden?

Preoperatieve screening
Vóór de operatie onderzoekt de anesthesioloog u. Dat is een medisch specialist, die verantwoordelijk is voor de anesthesie (narcose en/of verdoving ) tijdens de operatie en de pijnbestrijding erna. De anesthesioloog en zijn of haar anesthesiemedewerker spreken de anesthesie met u door en verrichten zo nodig aanvullend onderzoek. Als u medicijnen gebruikt, bespreekt de anesthesioloog welke medicijnen u mag blijven gebruiken en met welke u moet stoppen. Het is belangrijk dat u tijdens dit gesprek een actuele medicijnlijst bij zich hebt. Voor alle operaties waarbij anesthesie gegeven wordt, moet u nuchter zijn. Dat houdt in dat u een bepaalde periode voor de operatie niet meer eet en drinkt. De anesthesioloog vertelt u vanaf welk tijdstip u niet meer mag eten en drinken.

Bent u allergisch voor jodium of pleisters of gebruikt u bloedverdunnende medicijnen? Stel uw specialist hiervan op de hoogte.

Meenemen
Wilt u de volgende spullen meenemen naar het ziekenhuis?

  • Uw patiëntenpas.
  • Een actueel overzicht van de medicijnen die u gebruikt. U kunt dit krijgen bij uw eigen apotheek. Houd het bij u omdat er in het ziekenhuis meerdere keren om gevraagd wordt.
  • Toiletartikelen, ochtendjas, pantoffels en pyjama.

Waardevolle spullen en sieraden kunt u beter thuislaten.

Melden
U komt op de dag en tijdstip die met u zijn afgesproken naar de afdeling waar u verwacht wordt. De verpleegkundige belt u de dag voor de operatie 's middags. Ontvangt u de boodschap op uw voicemail, luister die dan helemaal af.

Voor de operatie
De verpleegkundige ontvangt u en maakt u wegwijs op de afdeling. Als het nodig is, scheert zij uw huid rond de breuk.

Hoe verloopt de operatie?
De operatie gebeurt in dagbehandeling of u wordt kort opgenomen. Dat hangt af van de soort operatie. Uw specialist bespreekt dit met u. De operatie vindt plaats op de operatiekamer. Als het nodig is, scheert de verpleegkundige uw huid. Tijdens de operatie zijn uw specialist, anesthesioloog en operatieassistent aanwezig.

Open methode
U komt te liggen op de operatietafel. De anesthesioloog dient u verdoving toe, zoals afgesproken tijdens preoperatieve screening. Uw specialist maakt een snee van ongeveer 8 cm in uw huid. Hij maakt de breuk dicht en verstevigt uw buikwand eventueel met het stukje kunststof. Daarna hecht hij de wond met een oplosbare hechting.

Kijkoperatie (laparoscopisch/endoscopisch)
U komt te liggen op de operatietafel. De anesthesioloog dient u de verdoving (narcose) toe. De specialist maakt een paar kleine sneetjes van ongeveer 1 cm in uw buikwand. Via 1 van de sneetjes brengt hij een buisje in. Hij blaast CO2-gas door dit buisje in uw buik en sluit de camera op het buisje aan. Zo ziet hij de breuk beter. De andere sneetjes zijn voor de werkinstrumenten. Uw specialist maakt de breuk dicht en verstevigt eventueel uw buikwand met het stukje kunststof. Daarna hecht hij de sneetjes met oplosbare hechtingen.

Na de operatie
Na de operatie gaat u naar de uitslaapkamer. Als alle controles goed zijn, kunt u weer terug naar de afdeling. U hebt een infuus. Zodra de controles goed zijn en u eet en drinkt weer, wordt het infuus verwijderd. U kunt na de operatie pijn hebben. De anesthesioloog regelt de pijnstilling. Hij heeft dit tijdens de preoperatieve screening met u besproken. Als u niet misselijk bent, mag u meteen weer gewoon eten en drinken.

Tijdsduur
De operatie duurt 45 tot 60 minuten.

Naar huis: waar moet u op letten?
U mag eventueel dezelfde dag nog naar huis. Dat hangt af van de soort operatie en het tijdstip dat u geopereerd bent. Uw specialist bespreekt dit met u. Zorg ervoor dat iemand u naar huis kan brengen. De wond kan de eerste tijd pijn doen. U krijgt een recept voor pijnstillers mee. Ondersteun het wondgebied met uw hand als u moet hoesten of persen. Er kunnen na de operatie een zwelling en bloeduitstorting aanwezig zijn. Het kan enige tijd duren voordat deze verdwenen zijn. Dit is normaal.

Leefregels
De pleister op de wond(jes) mag u na 2 dagen weghalen. U kunt dan ook weer douchen. In bad gaan en zwemmen mag weer na 10 dagen. Verder hebt u geen beperkingen; uw lichaam geeft vanzelf aan als u teveel doet.

Controle op de polikliniek
Na 1 à 2 weken komt u voor controle bij de wondverpleegkundige.. U krijgt hiervoor een afspraak mee. U kunt zich melden bij de polikliniek Heelkunde.

Met wie kunt u contact opnemen?
Als u weer thuis bent, kunnen zich onverhoopt klachten voordoen. Als u een van de volgende klachten hebt in de periode voor uw eerste controle op de polikliniek, neem dan contact op met de polikliniek Heelkunde, tel. (0570) 53 50 60. Bij dringende problemen buiten kantooruren belt u met de Spoedeisende Hulp: (0570) 53 53 00.

  • koorts hoger dan 38,5 graden Celsius;
  • infectie van de wond;
  • nabloeding;
  • toename van pijn / als de pijnstillers niet voldoende helpen;
  • als u de situatie niet vertrouwt.

Vragen / verhinderd?
Hebt u na het lezen van deze folder nog vragen dan kunt u die stellen aan uw behandelend specialist of uw huisarts. U kunt bellen op werkdagen van 8.00 tot 17.00 uur naar de polikliniek Heelkunde, tel. (0570) 53 50 60. Bent u onverwacht verhinderd? Geef dit dan tijdig door. Kijk voor meer informatie.

Context menu