Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Omhoog

Hoe kunnen wij u helpen?

BEHANDELING

A - Z AZ lijst gebruiken om een pagina te vinden
Home > Behandelingen > Borstoperatie - verwijderen knobbeltje

Borstoperatie - verwijderen knobbeltje

Wat is een knobbeltje in de borst?
Normaal gesproken voelen uw borsten onder de gladde huid wat bobbelig aan. De bobbeltjes die u voelt zijn melkklieren. Zij zijn over het algemeen vrij zacht en voelen in beide borsten hetzelfde aan. De meest voorkomende afwijking in de borst is een ‘knobbeltje’. Hiermee wordt een verdikking van het borstweefsel bedoeld, die anders aanvoelt dan het normale bobbelige weefsel. Knobbeltjes kunnen heel verschillend aanvoelen. Het kan een plek zijn die niet echt rond is, maar wat stugger en harder aanvoelt dan de rest van het klierweefsel. Soms is het knobbeltje glad en rond, soms voelt het aan als een strengetje. Deze knobbeltjes hoeven niet uit de borst verwijderd te worden. Een knobbeltje in de borst kan ook een goedaardige knobbeltje zijn, bijvoorbeeld een fibroadenoom ( is een knobbeltje die bestaat uit bindweefsel en klierweefsel van de borst). Deze kan pijnlijk zijn.

Voorgestelde behandeling
Uw behandelend specialist heeft met u afgesproken het goedaardige knobbeltje operatief te verwijderen, omdat het knobbeltje pijnlijk is.

Risico’s
Geen enkele operatie is zonder risico’s. Zo is er ook bij een operatie aan de borst kans op complicaties zoals trombose, nabloeding of een wondinfectie.

Hoe kunt u zich voorbereiden?

Preoperatieve screening
Vóór de operatie onderzoekt de anesthesioloog u. Dat is een medisch specialist, die verantwoordelijk is voor de anesthesie (narcose en/of verdoving ) tijdens de operatie en de pijnbestrijding erna. De anesthesioloog en zijn of haar anesthesiemedewerker spreken de anesthesie met u door en verrichten zo nodig aanvullend onderzoek. Als u medicijnen gebruikt, bespreekt de anesthesioloog welke medicijnen u mag blijven gebruiken en met welke u moet stoppen. Het is belangrijk dat u tijdens dit gesprek een actuele medicijnlijst bij zich hebt. Voor alle operaties waarbij anesthesie gegeven wordt, moet u nuchter zijn. Dat houdt in dat u een bepaalde periode voor de operatie niet meer eet en drinkt. De anesthesioloog vertelt u vanaf welk tijdstip u niet meer mag eten en drinken.

Meenemen

  • afsprakenkaart;
  • patiëntenpas;
  • als u thuis medicijnen gebruikt, neem ze dan mee in originele verpakking;
  • nachtkleding, ondergoed, pantoffels en een ochtendjas;
  • toiletartikelen (kam, tandenborstel, tandpasta, zeep, en dergelijke).

Draag geen sieraden en laat waardevolle spullen thuis.

Melden
U komt op de dag en tijdstip die met u zijn afgesproken naar de afgesproken verpleegafdeling. De dag voor de operatie wordt u 's middags thuis gebeld. Ontvangt u de boodschap op uw voicemail, luister die dan helemaal af.

Opname
Op de verpleegafdelingafdeling wordt u ontvangen door een verpleegkundige en wordt u wegwijs gemaakt op de afdeling. Ongeveer 1 uur vóór de operatie krijgt u een rustgevend tabletje. U krijgt operatiekleding om aan te trekken. Daarna blijft u in bed. Ga voor die tijd nog naar het toilet.

Operatie
De verpleegkundige brengt u op het afgesproken tijdstip naar de operatieafdeling. Daar wordt u verzocht om op de operatietafel plaats te nemen. Via een infuus krijgt u door de anesthesioloog narcosemiddelen toegediend. Nadat u onder narcose bent gebracht, maakt de specialist een snede in de borst op de plek van het knobbeltje. Het knobbeltje wordt opgezocht en verwijderd. De wond wordt vervolgens gesloten. De specialist laat soms een kleine drain (slangetje) in de wond achter voor de afvoer van bloed en wondvocht. Het verwijderde knobbeltje wordt onderzocht op het laboratorium door een patholoog.

Duur
De operatie duurt ongeveer een half uur.

Na de operatie
Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer gebracht. Als u pijn heeft of misselijk bent, kunt u om medicijnen vragen. Als uw bloeddruk en ademhaling normaal zijn en u goed wakker bent, gaat u terug naar de verpleegafdeling, waar u nog wat kunt uitslapen.

De uitslag
De patholoog onderzoekt het weefsel dat tijdens de operatie is verwijderd. Het duurt gemiddeld 5 werkdagen voordat de uitslag bekend is. De specialist bespreekt op de Mammapolikliniek (Heelkunde) met u de uitslag.

Naar huis
U mag dezelfde dag naar huis. Voordat u naar huis gaat, verwijdert de verpleegkundige het infuus en de eventuele drain. Het kan voorkomen dat u met de drain naar huis gaat als de wond nog wat nabloedt. In dat geval wordt de drain de volgende dag op de polikliniek verwijderd. U krijgt hiervoor een afspraak mee en ook voor het bespreken van de uitslag.

Wondverzorging en leefregels
Na 3 dagen kunt u de pleister verwijderen. U mag dan gewoon weer douchen. Spoel de wond goed af zodat er geen zeepresten achter blijven. Plak er eventueel een schone pleister op. U kunt de eerste dagen na de operatie door de narcose nog wat behoefte hebben aan extra slaap. Misschien vindt u het ook prettig om de eerste dagen na de operatie een goed steunende bh te dragen. U kunt de eerste twee weken na de operatie beter niet sporten, zwemmen of in bad gaan.

Nacontrole
Op de Mammapolikliniek (Heelkunde) zal de specialist de uitslag met u bespreken. Als naar aanleiding van de uitslag een vervolgbehandeling nodig is, zal de specialist dit met u bespreken. De eventuele hechtingen worden ook verwijderd.

Wat te doen bij klachten / complicaties?
Als u weer thuis bent, kunnen zich onverhoopt klachten voordoen. Als u een van de volgende klachten hebt in de periode voor uw eerste controle op de polikliniek, neem dan contact op met Polikliniek Heelkunde: (0570) 53 50 60. Bij dringende problemen buiten kantooruren belt u met de Spoedeisende Hulp: (0570) 53 53 00.

  • koorts hoger dan 38,5 graden Celsius;
  • roodheid en/of zwelling van het operatiegebied;
  • nabloeding;
  • toename van pijn;
  • als u de situatie niet vertrouwt.

Vragen / verhinderd?
Hebt u nog vragen of wilt u iets anders bespreken met de mammacareverpleegkundige, dan kunt u maandag t/m vrijdag bellen van 9.00 tot 9.30 uur naar, tel.: (0570) 53 54 22. Bel bij geen gehoor, tel.: (0570) 53 50 60 of mail naar: cmmamma@dz.nl. Bent u onverwacht verhinderd? Geef dit dan tijdig door.

Context menu