Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Omhoog

Hoe kunnen wij u helpen?

BEHANDELING

A - Z AZ lijst gebruiken om een pagina te vinden
Home > Behandelingen > Knieschijf (patello-femorale) instabiliteit

Knieschijf (patello-femorale) instabiliteit

Instabiliteit van de knieschijf komt vooral bij jongeren voor. Het komt meestal door een aangeboren afwijking van het kniegewricht of door een ongeval. Instabiliteit betekent dat de knieschijf naar buiten schiet, bij een verkeerde beweging. De knieschijf gaat vaak vanzelf weer in de kom, bij het strekken van de knie. Gebeurt dit niet, dan kunt u zelf de knieschijf weer op z’n plaats drukken. Dit kan door de knie te strekken en met de hand, de knieschijf, naar de goede plek te begeleiden. Sommigen houden hier een instabiel gevoel of pijnklachten aan over.

Voorgestelde operatie
Samen met de orthopedisch chirurg hebt u besloten een operatie te ondergaan om de instabiliteit van de knieschijf op te heffen. De arts heeft verteld wat er tijdens de operatie gaat gebeuren. De aanhechting van de kniepees aan het onderbeen wordt verplaatst, of de gewrichtsband aan de binnenzijde van de knieschijf wordt hersteld. Wordt de gewrichtsband hersteld? Dan krijgt u voor de operatie een schanierbrace aangemeten op de gipskamer.

Voorbereiding in het ziekenhuis
Vóór de operatie wordt u onderzocht door de anesthesioloog. Die verzorgt de verdoving tijdens de operatie en de pijnbestrijding erna. Gebruikt u medicijnen? Neem ze dan mee naar het gesprek. Voor de operatie moet u nuchter zijn. Dat houdt in dat u een bepaalde periode voor de operatie niet meer mag eten en drinken. De anesthesioloog vertelt u vanaf welk tijdstip. 
 
Risico’s
Na de operatie kan er trombose en/of een longembolie optreden. Om dit te voorkomen krijgt u 6 weken lang een antistollingsmiddel (fraxiparine). Tijdens de opname leert u hoe u dit zelf kan toedienen in de buik. Als dit niet lukt kan iemand uit uw omgeving het ook leren.

Voorbereiding thuis

  • Leen krukken bij een thuiszorgwinkel in uw omgeving. Plak er een sticker op met uw naam.
  • Maak alvast een afspraak bij de fysiotherapeut bij u in de buurt.
  • Zorg dat u paracetamol in huis hebt. Te koop bij een drogist of apotheek.
  • Ontdekt u een wondje aan een van uw benen, bel dan naar de polikliniek Orthopedie. De arts overlegt met u wat u het beste kunt doen.
  • U hebt te horen gekregen wat u wel en niet mag eten en drinken vóór de operatie. Ook is het medicijngebruik doorgenomen. Houd u aan deze afspraken.
  • Verwijder( eventueel)  nagellak vóór de operatie.

Opname
De dag vóór de opname belt een secretaresse van de verpleegafdeling na 14.00 uur hoe laat u wordt verwacht. Op de ochtend van de operatie mag u douchen. Gebruik geen bodylotion en verwijder (eventueel) make-up.

Meenemen

  • Patiëntenpas.
  • Medicijnen die u thuis gebruikt.
  • Actueel overzicht van de medicijnen. Verkrijgbaar bij uw eigen apotheek.
  • Toiletartikelen en nachtkleding.
  • Gemakkelijke, ruimzittende kleding.
  • Goed ingelopen, stevige platte schoenen.
  • Krukken
  • Schanierbrace, als deze is aangemeten.

Laat waardevolle spullen en sieraden thuis.

Melden
Meldt u op de afgesproken dag en tijd bij de balie van de verpleegafdeling. U krijgt een korte rondleiding en uw gegevens worden gecontroleerd. U krijgt een operatiejasje om aan te trekken.
 
Operatie
Een verpleegkundige brengt u in bed naar de operatieafdeling. De anesthesioloog past de verdoving toe zoals is besproken. Daarna worden steriele doeken over u heen gelegd. Tijdens de operatie ziet u niet wat er gebeurt.

  • Verplaatsen aanhechting van de kniepees aan het onderbeen (tuberositas transpositie)
    Over de voorzijde van de knie komt een korte snee. De aanhechting van de kniepees aan het onderbeen wordt opgezocht. De aanhechting met een stuk bot wordt met een zaag losgemaakt. De losgemaakte aanhechting wordt op de goede plek vastgezet met schroeven. Met een röntgenfoto wordt dit gecontroleerd. De huid wordt gehecht en een verband wordt aangelegd. De gipsverbandmeester brengt op de uitslaapkamer een loopkoker van gips aan.
  • Herstel van de gewrichtsband van de knieschijf (‘MPFL reconstructie’)
    Via een aparte snee wordt de hamstringpees opgezocht. Een klein stukje van de hamstringpees wordt verwijderd. Dit wordt de nieuwe gewrichtsband. Daarna worden 2 openingen gemaakt in de knieschijf en een opening in het bot van het bovenbeen. Met oplosbare schroeven wordt de nieuwe gewrichtsband vastgezet. De wondjes worden gehecht. U krijgt een verband en de scharnierbrace wordt omgedaan.

Na de operatie
Na de operatie verblijft u op de nabehandelingkamer van de operatieafdeling. Zijn alle controles goed, dan gaat u terug naar de verpleegafdeling. De verpleegkundige belt uw ouders/naasten om te vertellen hoe de operatie is gegaan. De verpleegkundige komt regelmatig kijken en voert controles uit. De afdelingsarts die nauw samenwerkt met de orthopeed komt bij u langs om te kijken hoe het gaat.

Wanneer naar huis
De orthopeed geeft aan in hoeverre u de knie de komende periode mag gaan belasten en bewegen. De fysiotherapeut komt bij u om te oefenen en te leren lopen op krukken. Als alle controles goed gaan mag u de volgende dag naar huis.

Adviezen en instructies

  • Loop de eerste 6 weken op krukken zoals de fysiotherapeut u dat heeft geleerd.
  • Douchen mag vanaf de 2e dag. Ook als de wond nog lekt. Gebruik geen zeep op de wond. Dep de wond voorzichtig droog met een schone handdoek.
  • Als u gips heeft kunt u douchen met een speciale plastic hoes om het been. Het gips mag niet nat worden.
  • Als de wond droog is, niet meer verbinden. Smeer geen crème of bodylotion op het wondgebied.
  • Na de operatie houdt uw been vocht vast en wordt wat dikker. Dit kun u verminderen door uw been op een stoel te leggen (op gelijke hoogte met de heup). U kunt ook regelmatig een stukje lopen of uw tenen naar u toe en van uw af bewegen.
  • Voor de pijn krijgt u medicijnen mee. Neem deze in volgens recept. Als de minder pijn voelt, verminder dan het aantal pijnstillers. Heeft u geen pijn meer? Dan hoef u  geen pijnstillers niet meer in te nemen.

Leefregels

  • Vraag aan de orthopedisch chirurg wat u wel en niet mag na de operatie.
  • De brace mag alleen af als u gaat douchen, verder 24 uur per dag om.
  • Buig de knie de eerste 8 weken niet.
  • Niet zwemmen en fietsen de eerste 8 weken. Gebruik van een hometrainer mag wel.
  • Zelf auto rijden is niet toegestaan (verzekeringskwestie, geldt ook voor een automaat). Wel kunt u met iemand meerijden.

Wanneer contact opnemen?
Als u een van de volgende klachten hebt, neem dan contact op met de polikliniek Orthopedie (0570) 53 51 55. Bel na 17.00 uur of in het weekend naar de Spoedeisende Hulp: (0570) 53 53 00.

  • Koorts hoger dan 38,5 graden.
  • Roodheid en/of zwelling van het operatiegebied.
  • Als de wond begint te bloeden.
  • Als u ondanks de medicijnen nog heel veel pijn hebt.
  • Als uw onderbeen pijnlijk is, rood en een glanzende huid heeft.
  • Als u het niet vertrouwt.

Controle
2 weken na de operatie mogen de hechtingen eruit. Maak hiervoor zelf een afspraak bij de huisarts. Na 6 weken kom u terug voor controle bij de orthopedisch chirurg.  
 
Vragen/meer informatie?
Kijk op www.dz.nl/knieschijfinstabiliteit. Hebt  u vragen? Stel ze gerust aan de orthopedisch specialist tijdens het polikliniekbezoek of opname. Of bel naar de verpleegkundig consulenten, Ingrid Wippert of Hannie Elskamp-Meijerman. Elke maandag t/m donderdag kunt u bellen tussen 11.00 en 12.00 uur en op vrijdag tussen 10.00 tot 11.00 uur, tel.: (0570) 53 53 53 en vraag naar toestel 2765. Mailen kan ook naar: wippertg@dz.nl of H.Elskamp-Meijerman@dz.nl.

Context menu