Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Omhoog

Hoe kunnen wij u helpen?

BEHANDELING

A - Z AZ lijst gebruiken om een pagina te vinden
Home > Behandelingen > Dotterbehandeling (PTA) - instructies en leefregels

Dotterbehandeling (PTA) - instructies en leefregels

Als u bent gedotterd vanwege een vernauwing in uw beenslagader(s) , ook wel Percutane Transluminale Angioplastiek (PTA) genoemd, is het belangrijk dat u instructies en leefregels opvolgt als u weer thuis bent. Dit is voor een goed herstel en om hart- en vaatziekten in de toekomst te voorkomen of te verbeteren is het van belang dat u deze opvolgt.

Weer thuis
U mag in principe alles weer doen wanneer u thuis bent. Wel is het verstandig om de eerste dagen rustig aan te doen en de lies wat te ontzien.

Medicijngebruik
Als u gestopt bent met de bloedverdunners van de trombosedienst, let er dan op dat deze in overleg met de specialist weer herstart worden voordat u met ontslag gaat.

Diabetespatiënten
Gebruikt u metformine? Deze mag u de eerste 48 uur na de behandeling niet innemen in verband met mogelijke interacties met de contrastvloeistof. Suikercontrole is in principe niet nodig.

Wondzorg
Bij de dotterbehandeling bent u in de lies aangeprikt. Wanneer u thuis bent, kunt u ter bescherming een gaasje over de wond plakken als er nog wondvocht uit komt. Verschoon de wond dagelijks. Wanneer de wond droog is, hoeft deze niet meer afgedekt te worden. Douchen mag pas de 2e dag na de behandeling. Dep na het douchen de huid droog met een schone handdoek.

Leefregels
Na een dotterbehandeling is het belangrijk om een gezonde leefstijl na te streven om de bloedvaten gezond te houden. U kunt zelf de volgende maatregelen nemen om verdere verergering tegen te gaan:

Niet (meer)roken
Stop met roken. Als u blijft roken komen er stoffen in het bloed die schadelijk zijn voor de wanden van de bloedvaten. Deze stoffen blijven aan de vaatwanden plakken en hopen zich op. Hierdoor treedt slagaderverkalking op. Heeft u hulp of hulpmiddelen nodig bij het stoppen met roken, laat u zich dan doorverwijzen naar de stoppen met roken poli in het Deventer Ziekenhuis. Daar bestaat de mogelijkheid om onder deskundige begeleiding te stoppen met roken.

Beweeg dagelijks een half uur
Zorg voor voldoende lichaamsbeweging. Beweeg elke dag een half uur door bijvoorbeeld stevig te wandelen of te fietsen. Het houdt uw hart- en bloedvaten in conditie, bevordert de bloedcirculatie, verlaagt de bloeddruk en maakt de kans op hart- en vaatziekten kleiner. Daarnaast voelt u zich fitter, energieker en gezonder. Na een dotterbehandeling is het verstandig om de eerste dagen rustig aan te doen en daarna rustig aan bijvoorbeeld te beginnen met kleine wandelingen en dit stap voor stap uit te breiden.

Eet gezond en gevarieerd
Gezond en gevarieerd eten bestaat uit veel groenten en fruit, zo weinig mogelijk verzadigd vet (dit zit bijvoorbeeld in: vlees, roomboter, kaas, margarine uit een pakje, koekjes, gebak, etc.) en 2 keer in de week vis waarvan tenminste één keer vette vis. Eet minstens 200 gram groente en 2 stuks fruit per dag. Voedingsvezels zijn goed voor de spijsvertering en uw cholesterolgehalte. Kies voor volkerenproducten. Ook groente en fruit bevatten veel vezels. Het is belangrijk minder zout te eten, voor volwassenen minder dan 6 gram zout per dag. Zout verhoogt uw bloeddruk. Voeg geen of weinig zout toe aan de maaltijden en vermijd kant-en-klare producten. Gebruik in plaats van zout specerijen. Drink minstens anderhalve liter per dag. Vocht zit in dranken wat u nuttigt, maar ook in voeding zoals vla of fruit. Wanneer u een vochtbeperking heeft, dan moet u zich aan de voor u voorgeschreven hoeveelheid vocht per dag houden.

Beperk alcoholgebruik
Wees matig met alcoholgebruik. Niet meer dan 1 (voor vrouwen) of 2 (voor mannen) glazen alcohol op een dag drinken.

Zorg voor een gezond gewicht
Bij overgewicht is het verstandig om af te vallen. Te zwaar wil zeggen dat u een Body Mass Index (BMI) van 25 of hoger heeft. De Body Mass Index is een index voor het gewicht in verhouding tot lichaamslengte. De BMI geeft een schatting van het gezondheidsrisico van het lichaamsgewicht. De BMI index kan via de volgende som uitgerekend worden: BMI index = gewicht : (lengte x lengte (in meters)). Bijvoorbeeld 75 kg : (1.75 x 1.75) = BMI van 24,5.

Body Mass Index
BMI lager dan 19: U heeft ondergewicht.
BMI tussen 19 en 24: U heeft een prima gewicht!
BMI tussen 25 en 30: U heeft overgewicht, afvallen is verstandig.
BMI tussen 30 en 40: U heeft obesitas. Afslanken, eventueel in combinatie met een dieet is een absolute noodzaak.
BMI hoger dan 40: U heeft morbide obesitas. Uw overgewicht is levensbedreigend. Neemt u contact op met uw huisarts.

Wanneer u ongewenst afvalt door ziekte, is het goed om contact op te nemen met een diëtist.

Neem tijd voor ontspanning
Probeer situaties die stress veroorzaken, te vermijden en probeer afstand te nemen. Als stress langer aanhoudt, verhoogt dit de kans op hart- en vaatziekten. Daarom is het belangrijk om tijdig momenten van ontspanning in te lassen. Voorbeelden van ontspanning zijn bijvoorbeeld een wandeling maken, een boek lezen, muziek luisteren en voldoende nachtrust nemen.

Wanneer contact opnemen?
Als u weer thuis bent, kunnen zich onverhoopt klachten voordoen. Als u een van de volgende klachten heeft, neem dan contact op met polikliniek Heelkunde, tel.: (0570) 53 50 60. Bij dringende problemen buiten kantooruren belt u met de Spoedeisende Hulp, tel.: (0570) 53 53 00.

  • De lies waarin u aangeprikt bent, blauwer en meer gezwollen raakt.
  • Toename van pijn.
  • Koorts (boven 38,5°C).
  • Er komt vocht of bloed uit de wond.
  • Als u de situatie niet vertrouwt.

Controle
Er is een afspraak gemaakt voor controle op de polikliniek Heelkunde. Na 1 week komt u terug bij uw behandelend vaatspecialist.

Vragen?
Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt u op werkdagen bellen van 8.00 tot 16.30 uur met de polikliniek Heelkunde, tel.:(0570) 53 50 60.

Context menu