Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Omhoog

Hoe kunnen wij u helpen?

BEHANDELING

A - Z AZ lijst gebruiken om een pagina te vinden
Home > Behandelingen > Dikke darmoperatie goedaardig

Dikke darmoperatie goedaardig

​U komt binnenkort naar het Deventer Ziekenhuis voor een dikke darmoperatie. De chirurg heeft dit met u besproken. Deze folder geeft u meer informatie over de gang van zaken rondom een dikke darmoperatie. In een gesprek met de casemanager GE wordt de opname en het herstel besproken. Daarvoor krijgt u een afspraak mee. Deze verpleegkundige is gespecialiseerd in de zorg, begeleiding en voorlichting van mensen die een dikke darmoperatie ondergaan.

Waarom een dikke darmoperatie?
Hieronder staan verschillende aandoeningen aan de dikke darm waarbij een operatie noodzakelijk kan zijn.

  • Grote poliepen in de darm
    DZ Grote goedaardige poliepen kunnen in alle delen van de darm voorkomen. Bij grote poliepen kan een operatie noodzakelijk zijn omdat ze de darmpassage kunnen belemmeren of op den duur kwaadaardig kunnen worden.
     
  • Ontstoken darmslijmvlies
    Een ontstoken darmslijmvlkies (diverticulose) is een veel voorkomende afwijking in de dikke darm,waarbij het slijmvlies van de dikke darm door de darmwand naar buiten puilt door drukverhoging. Als deze uitstulpingen (‘divertikels’) zijn ontstoken dan spreekt men van diverticulitis. Bij diverticulitis kunnen er aanvallen van pijn en koorts optreden en kan de darm vernauwd raken.
     
  • Ziekte van crohn
    Bij de ziekte van Crohn kan een deel van de dikke darm zijn aangedaan. Er wordt geopereerd als medicijnen geen uitkomst meer bieden.;
     
  • Colitis ulcerosa
    Colitis ulcerosa is een ontsteking van de dikke darm, die met medicijnen meestal goed is te behandelen. Als de ontsteking niet goed reageert op medicijnen moet soms een (groot) deel van de dikke darm worden verwijderd.

Voorgestelde behandeling
De operatie kan zowel via een kijkoperatie (laparoscopisch) als via een gewone operatie (klassieke operatie) worden uitgevoerd. Het voordeel van een kijkoperatie is dat de opnameduur en de herstelperiode vaak korter is, omdat de wond veel kleiner is. De chirurg zal de keuze voor een van deze operatietechnieken met u vooraf bespreken en toelichten. Dit hangt namelijk af van uw persoonlijke situatie. Bijvoorbeeld van de grootte van het te verwijderen darmdeel en of u al eerder in dit gebied geopereerd bent. Soms is het noodzakelijk om tijdens de operatie een tijdelijk of blijvend stoma aan te leggen. Op deze manier kan de nieuwe aansluiting rustig genezen. Ook kan het voorkomen dat het niet mogelijk is om een nieuwe aansluiting te maken, dan zal de chirurg een definitief een stoma aanleggen.

Risico's
De risico’s op complicaties bij een operatie zijn trombose, longontsteking, nabloeding en een wondinfectie. Soms komt de darmfunctie moeilijk op gang. Bij een operatie aan de darm kan een naadlekkage optreden. Dit is een lek op de plaats waar 2 darmdelen aan elkaar zijn gehecht. Vaak volgt dan een nieuwe operatie.

Voorbereiding

Gesprek met de casemanager GE
In dit gesprek komt aan de orde: de operatie, de opname, het herstel en zo nodig de stomaplek en stomazorg. Ook bespreekt ze met u uw persoonlijke situatie zodat eventueel extra zorg kan worden ingezet. De casemanager GE van het Deventer Ziekenhuis zijn Marjan Raats, Sandra Oosterlaar, Ans Mensink en Bertien Smeenk.

Preoperatieve screening
Vóór de operatie onderzoekt de anesthesioloog u. Dat is een medisch specialist, die verantwoordelijk is voor de anesthesie (narcose en/of verdoving ) tijdens de operatie en de pijnbestrijding erna. De anesthesioloog en zijn of haar anesthesiemedewerker spreken de anesthesie met u door en verrichten zo nodig aanvullend onderzoek. Als u medicijnen gebruikt, bespreekt de anesthesioloog welke medicijnen u mag blijven gebruiken en met welke u moet stoppen. Het is belangrijk dat u tijdens dit gesprek een actuele medicijnlijst bij zich hebt. Voor alle operaties waarbij anesthesie gegeven wordt, moet u nuchter zijn. Dat houdt in dat u een bepaalde periode voor de operatie niet meer eet en drinkt. De anesthesioloog vertelt u vanaf welk tijdstip u niet meer mag eten en drinken.

Thuis
U hoeft zich vooraf niet te scheren. Als het nodig is, wordt dit op de operatiekamer gedaan. Als u een roker bent wordt aangeraden te stoppen voor de operatie. Verder adviseren we u enkele dagen voor de operatie geen alcohol meer te drinken. Belangrijk is ook om gezond te eten en actief te blijven tot uw opname. Neem contact met ons op als u vooraf buikpijn heeft, of problemen met uw stoelgang.

Meenemen

  • afsprakenkaart;
  • patiëntenpas;
  • als u thuis medicijnen gebruikt, neem ze dan mee in originele verpakking;
  • nachtkleding, ondergoed, pantoffels en een ochtendjas;
  • toiletartikelen (kam, tandenborstel, tandpasta, shampoo en dergelijke);
  • kleding die u het meeste draagt, om met de broekboordhoogte de eventuele stomaplaats te kunnen bepalen.

Draag geen sieraden en laat waardevolle spullen thuis.


Melden

U hebt een opnamebrief gekregen met daarin de datum en het tijdstip waarop u zich kunt melden.

Dag van de opname
Een dag voor de dikke darmoperatie wordt u opgenomen om u goed voor te bereiden. U meldt zich op de afgesproken dag, tijdstip bij de balie van afdeling C2. Op de afdeling krijgt u een opnamegesprek met een verpleegkundige. Indien nodig zal ze u laxeren. U mag deze dag tot en met de avondmaaltijd gewoon eten en drinken. Na de avondmaaltijd mag u alleen nog heldere dranken gebruiken zoals zwarte koffie, thee, bouillon, appelsap, ranja. 
 
Dag van operatie
Op de operatiedag krijgt u 2 koolhydraatrijke drankjes te drinken, waardoor u zich na de operatie wat beter voelt. Drink deze minimaal 2 uur voor de operatie op. Daarna mag u niets meer eten of drinken. De verpleegkundige zal u zo nodig nog medicijnen geven die u met een slokje water mag innemen. U krijgt een operatiejasje om aan te trekken.

Operatie
De verpleegkundige brengt u in uw bed naar de operatieafdeling. De anesthesioloog  past de verdoving toe zoals met u is besproken tijdens de preoperatieve screening. 
Bij de klassieke operatie maakt de chirurg een snede in de buik, zodat hij of zij met de instrumenten bij het operatiegebied kan komen en de operatie uit kan voeren. Bij de laparoscopische operatie bedient de chirurg de instrumenten via de monitor. Er wordt een kleine snede in de buik gemaakt, waardoor CO2-gas in de buik wordt geblazen. Dit onschadelijke gas scheidt de buikwand van de interne organen, zodat er voor de chirurg voldoende ruimte in de buik is ontstaan om de operatie uit te voeren. Daarna wordt er nog een aantal kleine snedes in de buik gemaakt. Via één daarvan wordt een laparoscoop in de buik gebracht. Dit is een dunne, telescoopachtige buis, die de darm op een monitor zichtbaar maakt. Via de andere snedes worden de chirurgische instrumenten ingebracht, die de chirurg via de monitor bedient. Soms moet toch een grotere snede gemaakt worden om de operatie goed uit te voeren. Dan wordt de laparoscopische operatie een klassieke operatie. De chirurg verwijdert het zieke darmdeel. Zo nodig wordt een tijdelijk of blijvend stoma aangelegd. Het weefsel dat is verwijderd wordt nader onderzocht door de patholoog anatoom.

Duur
De operatie duurt, afhankelijk van de ingreep, 2 tot 4 uur.

Na de operatie
Na de operatie belt de chirurg met uw naaste/contactpersoon om te vertellen hoe het verlopen is. Als u weer wakker bent geweest, zal de verpleegkundige dat nog een keer doen. Mogelijk blijft u een nachtje op de Intensive Care, maar het kan ook dat u teruggaat naar de afdeling. U kunt een slangetje in de neus hebben voor extra zuurstof. Via het infuus krijgt u de eerste dag of dagen extra vocht toegediend totdat u zelf voldoende drinkt. U heeft na de operatie een slangetje in de blaas (urinekatheter). Na 3 tot 4 dagen wordt het urinekatheter verwijderd. Na de operatie ligt u de eerste dagen op onze unit ’Complexe zorg‘ om u zo goed mogelijk te verzorgen. Na enkele dagen verhuist u naar een andere kamer. Na een operatie kunt u pijn hebben. De anesthesioloog regelt met u de pijnstilling na uw operatie, zoals met u is afgesproken tijdens de preoperatieve screening. Dagelijks komt de zaalarts bij u langs om te bespreken hoe het met u gaat. De zaalarts werkt nauw samen met de behandelend specialist. Als u en/of uw familie/naaste behoefte heeft aan een gesprek met de zaalarts kunt u dit gerust aangeven. Dan wordt dat met u afgesproken.

Snel herstellen
Na uw darmoperatie volgt u ons speciale programma ‘Snel Herstel’. Inzet is dat we u helpen om zo snel mogelijk na de operatie te herstellen. Dat kan door:

  • Spoedig starten met werken aan uw mobiliteit Op de dag van de operatie zit u al even met de benen buiten bed. De dagen na de operatie mobiliseert u aan de hand van een schema.. Dit is onder meer van groot belang om geen spierkracht te verliezen. Bovendien worden ademhaling, bloedsomloop en darmwerking gestimuleerd. Na enkele dagen verzorgt u zichzelf weer en bent u een groot deel van de dag uit bed;na een laparoscopische operatie herstelt u wellicht sneller omdat u geen grote buikwond heeft.
  • Aandacht voor goede pijnbestrijding die geen effect heeft op de werking van de darmen. Belangrijk is dat u zelf aangeeft als u pijn heeft, zodat de medicatie kan worden aangepast.
  • U krijgt medicijnen voor een goede stoelgang en tegen de misselijkheid. Ook krijgt u kauwgom om de maagdarmwerking te bevorderen.
  • Zo kort mogelijk nuchter te zijn. ’s Avonds na de operatie mag u al weer drinken en als dat goed gaat ook eten. De volgende dag mag u alles weer eten en drinken, maar eet niet tegen uw zin.
  • Het gebruik van aanvullende drinkvoeding voor en na de operatie. Inzet is dat u zo min mogelijk afvalt en in een zo goed mogelijke voedingstoestand blijft. Tijdens de opname komt de diëtist bij u langs. Ze geeft u voedingsadviezen voor goed herstel.
  • Goed doorademen om een longontsteking te voorkomen. Met een buikwond is dat moeilijker. Daarom krijgt u de folder “Instructies ter voorbereiding geplande buikoperatie” mee met tips om goed te ademen.
  • Goede voorlichting en begeleiding zodat u weet wat belangrijk is voor een snel herstel.

Een stoma
Een tijdelijk of blijvend stoma is een grote verandering en roept vragen en onzekerheid op. Als een stoma is aangelegd, zal de verpleegkundige op de afdeling u leren het stoma te verzorgen. Hij of zij oefent met u en eventueel met uw partner/naaste. De stomaverpleegkundige zal u tijdens de opname en na ontslag uit het ziekenhuis bij de poliklinische controle begeleiden.

De uitslag
Uw behandelend specialist bespreekt met u de uitslag van het weefsel dat is opgestuurd. Dit duurt minimaal 1 week voordat de uitslag bekend is. Het gesprek vindt altijd plaats in overleg met u, eventueel in het bijzijn van uw partner of andere naaste.

Naar huis
Als het herstel voorspoedig verloopt, kunt u na ongeveer 5 tot 7 dagen naar huis. Dat kan als u zich weer in staat voelt om naar huis te gaan; als u ontlasting heeft gehad, als eventueel het stoma goed verzorgbaar is, als u weer normaal eten kunt verdragen en u als u weinig pijn heeft. De ontlasting kan nog enige tijd dun zijn. De wond is na ontslag vaak nog gevoelig, zeker als u meer gaat bewegen. U mag hiervoor 3 tot 4 keer per dag 1 of 2 tabletten paracetamol gebruiken.
U mag gewoon douchen, maar nog niet in bad zolang er hechtingen zitten, of de wond nog niet dicht is. U kunt wellicht voor uzelf zorgen maar u zult nog snel vermoeid zijn. Het is dan prettig als er iemand is die kan helpen met eten koken, boodschappen doen en huishoudelijk werk.

Controle op de polikliniek
Na 2 weken komt u voor controle op polikliniek. De casemanager GE of stomaverpleegkundige controleert de wond, zo nodig worden de hechtingen verwijderd. Hebt u een tijdelijk of blijvend stoma, dan wordt de stomazorg met u besproken. Ook bespreekt u samen het verdere herstel. 6 weken na de operatie volgt een afspraak bij de behandelend specialist.
 
Leefregels
Het is moeilijk aan te geven wanneer u weer helemaal hersteld zult zijn van de operatie. Om de wond te ontzien, mag u de eerste 6 weken na de operatie niet tillen. Wat u verder wel en niet kunt doen kunt u het beste zelf aanvoelen. Hervatten van sport en werk overlegt u met de chirurg en bedrijfsarts.

Wanneer contact opnemen?
Als u weer thuis bent kunnen zich onverhoopt klachten voordoen. Als u een van de volgende klachten heeft neemt u contact op met de polikliniek Heelkunde: (0570) 53 50 60. Bij dringende problemen buiten kantooruren belt u met de Spoedeisende Hulp: (0570) 53 53 00.

  • Koorts hoger dan 38,5 graden Celsius.
  • Bloed bij de ontlasting.
  • Toename van pijn.
  • Misselijkheid en braken.
  • Gedurende 2 dagen geen ontlasting.
  • Als u om een of andere reden uw situatie niet vertrouwt.

Vragen?
Hebt u na het lezen van deze folder nog vragen, stel deze dan gerust aan uw arts of verpleegkundige. Ook kunt u bellen op werkdagen met polikliniek Heelkunde van 8.00 tot 17.00 uur op tel.: (0570) 53 50 60.

Context menu