Schouder, Protocol na Arthroscopisch hechten rotator cuff

Doelstelling:

onderhouden en verbeteren mobiliteit en functie schoudergewricht na arthro-
scopisch hechten van de rotator cuff.
 

Toepassingsgebied:
  • bevoegdheden: specialist, fysiotherapie, verpleging en andere betrokken disciplines
  • indicatie: rupturen van de m.supraspinatus < 2cm, bij jongere patiënten
  • contra-indicatie(s): deze worden aangegeven door de operateur
     
Definities:
  • cuff-laesie: laesie rotator cuff, meestal ruptuur pees m.supraspinatus; rupturen m.infra- spinatus, m.subscapularis of m.teres minor komen minder vaak voor.
  • schoudersling: draagdoek ter ondersteuning en fixatie van de arm aan geopereerde zijde.
     
Benodigdheden:
  • préoperatief: instructieboekje uitgereikt door fysiotherapeut
  • postoperatief: schoudersling, deze wordt aangelegd door verpleging op operatieafdeling
     
Activiteiten:
  • voorbereiding préoperatief:
    • informatie en instructie m.b.t. te volgen protocol en uitleg operatie door specialist
    • op afdeling fysiotherapie door fysiotherapeut:
      • uitreiken instructieboekje
      • correctie scapula beweging en stabilisatie scapula
      • houdingscorrectie geïnstrueerd
      • ROM schoudergewricht vastgelegd
      • passieve mobiliteit gemaximaliseerd
      • doornemen instructieboekje met de daarin vermelde oefeningen
      • instructie m.b.t. de slaaphouding(en) en worden deze geoefen
      •  afnemen DASH- en VAS-score
  • uitvoering postoperatief:
    • operatiedag en 1ste dag postoperatief:
      • operateur vermeldt exorotatie (met geadduceerde bovenarm) bij einde operatie op aanvraagformulier fysiotherapie, opdat duidelijk wordt of de doelstelling na 3 weken is behaald
      • controle overeenstemming geplande en uitgevoerde OK
      • controle ondersteuning schoudersling
      • instructie basisoefeningen (slingeroefeningen/schouderblad positionering)
      • instructie slaaphouding
      • controle afspraak met FT 1ste lijn
      • patiënt gaat met ontslag
  • Aanwijzingen omtrent verdere beleid:
    • arm gedurende 6 weken in schoudersling, sling mag alleen worden afgedaan t.b.v. lichamelijke verzorging en oefenen
    • oefenen van de ADL-functies
    • passieve exorotatie m.b.v. een stok in hand aan niet-geopereerde zijde
    •  sub-maximale isometrische oefeningen voor rotator cuff in vlak van scapula (isometrische contractie < 30% van maximale vrijwillige contractie)
    • na 2 weken postoperatief:
      • controle op schouderpolikliniek
      • Doel: beoordelen wond en verwijderen hechtingen
      • controle normale bewegingspatroon
      • voortzetten katroloefeningen in vlak van scapula
      • passief oefenen uitbreiden
      • voortzetten isometrisch rotator cuff oefeningen in vlak van scapula met nadruk op controle en versterking
      • geen gecombineerde abductie-exorotatie
    • na 6 weken postoperatief:
      • controle op schouderpolikliniek
      • Doel: passieve beweeglijkheid is gelijk aan préoperatieve passieve beweeglijkheid
      • afbouwen sling
      • start rotator cuff rehabilitatie
      • start propriocepsis training
      • start actief oefenen
      • controle scapula beweging tijdens gehele bewegingstraject
      • beginnen met gecombineerde abductie-exorotatie
    • na 8 weken postoperatief:
      • Doel: actieve beweeglijkheid bedraagt ten minste 50% van de préoperatieve beweeglijkheid
    • na 12 weken postoperatief:
      • controle op schouderpolikliniek
      • Doel: actieve beweeglijkheid is gelijk aan de préoperatieve actieve beweeglijkheid
      • controle scapula dynamiek tijdens actieve bewegingen
      • controle normale bewegingspatroon



Nb: Bij elke acute vermindering van de beweeglijkheid dient een afspraak gemaakt te
worden bij de polikliniek van de orthopedisch chirurg.
De meeste patiënten zijn grotendeels pijnvrij na 6 tot 12 weken.

Autorijden: autorijden mag als patiënt weinig pijn heeft en een zodanige controle over de arm dat
het autorijden verantwoord mogelijk is; geadviseerd wordt het autorijden pas na 6 weken postoperatief te hervatten.

Werken: licht werk (niet tillen) vanaf 6 weken
matig zwaar werk (lichte last tillen, onder schouderhoogte) vanaf 12 weken
zwaar werk
 

Verantwoordelijk:

behandelend specialist en fysiotherapeut

Literatuur:
  • www.ajsm.org Vol.33 No. 11 November 2005
    Arthroscopic Transtendon Repair of Partial-Thickness Articular-Side
    Tears of the Rotator Cuff (anatomical and clinical study)
    (J. Ide/ S. Maeda/ K. Takagi) Kumamoto Japan
  • www.ejbjs.org Vol.87-A No.6 Juni 2005
    Arthroscopic Repair of Full-Thickness Tears of the Supraspinatus:
    Does the Tendon Really Heal?
    (P. Boileau/ N. Brassart/ D.J. Watkinson/ M. Carles/ A.M. Hatzidakis
    S.G. Krishnan)

     
zoeken
verwijzers
N. Bolkesteinlaan 75 - Deventer